Tijdens de zuigelingenperiode
Als uw kind ongeveer een maand oud is, bezoekt u met uw kind voor het eerst het consultatiebureau.
U wordt ontvangen door de consultatiebureau-assistente. Zij weegt en meet uw kind. Daarna heeft u een gesprek met de consultatiebureau-arts. De arts onderzoekt uw kind, kijkt of uw kind zich goed ontwikkelt en gaat in op uw vragen.
In het eerste levensjaar bezoekt u het consultatiebureau acht keer. U krijgt afwisselend advies van de consultatiebureau-arts of de wijkverpleegkundige. Een bezoek aan de arts of wijkverpleegkundige duurt ongeveer vijftien minuten. In totaal neemt elk bezoek aan het consultatiebureau zo`n 45 minuten in beslag, inclusief het uit- en aankleden van uw kind.
Tijdens de peuterperiode
Als u kind ouder is dan één jaar, bezoekt u gemiddeld twee maal per jaar het consultatiebureau.
U hebt éénmaal contact met de wijkverpleegkundige en éénmaal met de arts. De arts kijkt vooral naar de gezondheid van uw kind, onderzoekt en beoordeelt de groei en ontwikkeling en adviseert u als er problemen zijn. De wijkverpleegkundige besteedt vooral aandacht aan de verzorging en opvoeding. Zij volgt samen met u de ontwikkeling van taal en spel en u kunt bij haar terecht met al uw vragen over de opvoeding.