Reportage 'Op de corona-afdeling'

In de krant: Dagblad Kennemerland 10 april 2020.

 

Binnen drie weken al acht coronapatiënten naar huis

Heemskerk - De corona-unit in het Heemskerkse verpleeghuis Meerstate is een veilige omgeving om te werken, met alle maatregelen om patiënt en personeel te beschermen. Patiënten komen er om te revalideren, om te herstellen, tot ze in staat zijn om dat thuis zelfstandig voort te zetten. Dat is in de ruim twee weken dat de unit in gebruik is al met acht mensen gebeurd. Ontroerend om te zien dat ze hun naasten weer kunnen omhelzen. Een reportage.

 

De covid-unit is helemaal afgeschermd van het verpleeghuis zelf. Behalve personeel mag niemand naar binnen. Dat is de algemene regel voor verpleeghuizen. Bij de ingang van het verpleeghuis vangt Edwin de Bruijn deze dag iedereen vriendelijk op. Wie binnen moet zijn, kan de handen even ontsmetten met alcohol. Een mevrouw meldt zich, ze komt de vuile was ophalen van haar vader. Ze moet buiten even wachten, het komt er zo aan.

 

De eerste dagen schakelde de ViVa! Zorggroep, waar Meerstate toe hoort, een beveiligingsbedrijf in. Nu kan het verpleeghuis de toegangscontrole met eigen personeel opvangen. ,,Ik ben kok’’, zegt De Bruijn. ,,Normaal kan ik op verschillende locaties ingezet worden, nu mag ik maar op één locatie werken. Vandaag zijn er al voldoende koks, en ik kan me hier bij de ingang nuttig maken. Ik heb daarvoor wel een training gehad.’’

 

De meeste mensen houden zich netjes aan de regels, zegt hij. ,,Er is één keer een bewoner geweest die ongeduldig werd.’’ Een personeelslid komt met een plastic tasje aanlopen. ,,Met schoolspullen van een kleindochter van een bewoner’’, zegt ze. ,,Haar moeder had het verkeerde tasje afgegeven. Ze komt het vandaag ophalen.’’ Ze zet het bij de andere tasjes die klaar liggen om opgehaald te worden.

 

Beschermende middelen

Verzorgende Daisy van Veelen en verpleegkundige Marieke Bleeker zijn toe aan hun koffiepauze. Bij het verlaten van de covid-unit doen ze hun beschermende middelen af. ,,Daar is een strikte procedure voor, nog strenger zelfs dan bij het aantrekken’’, zegt Bleeker. ,,We hebben daar les in gekregen’’, zegt Van Veelen. ,,Er hangt een vel papier met de instructies als geheugensteuntje, maar nu wordt het routine.’’ De bril moet goed schoongemaakt worden, het mondkapje moet zonder aan te raken in een recyclingbak, het schort binnenstebuiten uitgedaan, zonder het aan te raken in een afvalbak, en ook de handschoenen worden binnenstebuiten uitgedaan.

 

,,Eigenlijk is dit een veilige afdeling in het huis’’, zegt geestelijk verzorger Anne Miedema. ,,Voor sommige collega’s was het wat moeilijker om hier te werken, omdat bij hun thuisfront wel wat angst zat. Ik heb eerder in het ziekenhuis gewerkt, en wist al: we zijn volledig beschermd. We hebben het gevoel volledig in controle te zijn.’’ Dat geldt overigens voor alle afdelingen binnen de ViVa! Zorggroep, de richtlijnen van het RIVM voor veilig werken worden overal strikt gevolgd, niet alleen op de covid-unit. Je loopt minder risico dan in een supermarkt, voegt Monica Hendriks, specialist ouderengeneeskunde, eraan toe omdat we waar nodig gebruik maken van beschermende maatregelen.

 

Het personeel doet zo lang mogelijk met de beschermende middelen en het komt daarom zo min mogelijk van de unit af. Alleen als ze naar een andere patiënt gaan, wisselen ze de handschoenen. ,,Niet vanwege het covid-virus’’, zegt Hendriks. ,,De patiënten in de unit zijn allemaal besmet of besmet geweest. Maar we moeten ook voorkomen dat ze met andere virussen besmet worden. Daarom is deze covid-unit ook helemaal gescheiden van andere afdelingen.’’

 

De patiënten komen allemaal in een slechte conditie aan in de covid-unit van Meerstate. Hendriks: ,,De meesten hebben op de intensive care gelegen van het Rode Kruis Ziekenhuis. Ze zijn in elk geval een paar dagen stabiel buiten de ic. Ze komen hier om verder te herstellen, te revalideren. We krijgen ’s middags te horen wie er binnen komen. De patiënten komen dan later op de middag of begin van de avond.’’

 

Opschalen

Het aantal patiënten wisselt dus van dag tot dag. De covid-unit startte  in maart met vier bedden, inmiddels is het opgeschaald naar 23 bedden. ,,We moeten dus flexibel zijn, ook met roosters maken’’, zegt locatiemanager Hans van den Berg. ‘’Nu liggen er veertien patiënten, op een- of tweepersoonskamers.’’

 

De patiënten zijn lichamelijk sterk verzwakt. Hendriks: ,,Ze hebben al een tijdje in het ziekenhuis gelegen. En als ze heel oud zijn, geldt in het algemeen: een week op bed liggen betekent een maand herstellen. Bij de patiënten in deze unit komt bij dat ze koorts gehad hebben, spiermassa verloren hebben en kampen met longproblemen..’’

 

Het herstel gaat in het begin met kleine stapjes. ,,We stimuleren ze met positieve signalen, door te laten zien dat ze vooruitgaan’’, zegt Van Veelen. ,,Daar hebben ze ook behoefte aan. Ze willen bijvoorbeeld weten hoeveel zuurstof ze in het begin nodig hadden. Als het van vijf liter naar twee is gegaan, dat geeft hoop. En als ze voor het eerst zelf naar het toilet kunnen, is dat ook een stap vooruit. Langzaam dringt het besef door dat het herstel zal komen”, zegt geestelijk verzorger Miedema.

 

,,Het gaat langzamer dan we gewend waren’’, zegt Van den Berg. ,,Dit was al een revalidatie-afdeling. We waren gewend om zo snel mogelijk stappen te maken. Deze mensen zijn zo verzwakt, hier is meer liefdevolle verpleging nodig.’’ Tanja van Olst, verpleegkundig coördinator voegt toe: ‘’Het is echt medische zorg, De artsen doen een paar keer per dag controle. En ze hebben een paar keer per dag overleg met longartsen.’’

 

Slaap

Geestelijk verzorger Miedema heeft het ook druk, net als alle andere (zorg-)medewerkers. ,,De patiënten hebben een trauma opgelopen. Toen ze in het ziekenhuis opgenomen werden, hebben ze afscheid moeten nemen van hun naasten. Velen zijn daarna in de ic in slaap gebracht, en kregen toen te horen dat ze misschien nooit meer wakker zullen worden. Toen hebben ze helemaal afscheid moeten nemen van de mensen die ze liefhebben.’’

 

,,Als ze weer wakker worden, zijn ze een heel stuk tijd kwijt geraakt. Hier dringt het besef tot ze door wat hen overkomen is, wat voor emotionele achtbaan ze door zijn gegaan. Soms zijn ze bang, durven ze ook niet meer naar buiten. Pas hier kunnen ze beginnen om dat allemaal te verwerken, wij kunnen helpen het te overwinnen. Soms helpt het contact met naasten. Dat geeft energie, dat geeft een extra reden: om te vechten voor de mensen van wie je houdt.’’

 

Naar huis

Acht mensen konden al weer naar huis, één patiënt verslechterde toch nog zo dat die terug moest naar het ziekenhuis. Hendriks: ,,Ze mogen naar huis als ze 48 uur klachtenvrij zijn, dan is zeker dat ze virusvrij zijn. Maar ze moeten ook genoeg aangesterkt zijn om zich thuis te kunnen redden, eventueel met ondersteuning van wijkverpleging of thuiszorg.’’

Van Olst: ,,Het is mooi om te zien als ze voor het eerst door de klapdeuren heen mogen. Ze zien dan voor het eerst een andere afdeling, ze zien dan waar ze zijn. Soms mogen ze ook even op bezoek bij een naaste die ook in het huis verblijft, een partner of een kind.’’

 

,,Ze zien ons dan ook voor het eerst zonder de beschermende kleding, het is verwondering alom’’, zegt Bleeker. ,,Iedereen lijkt op elkaar in die pakken. Zelfs onze stemmen lijken op elkaar, doordat ze gedempt worden door het mondkapje.’’

,,Het is helemaal ontroerend als mensen weer naar huis mogen’’, zegt ze. ,,Gisteren was het emotioneel. Het is voor die mensen de eerste stap naar buiten, letterlijk en figuurlijk het zonnetje, en dan voor het eerst weer in de armen van hun familie.’

 

Routine

De eerste weken waren zwaar voor het personeel. Van Olst: ,,We waren al wel gewend om patiënten in isolatie te verplegen, vanwege een besmettelijke bacterie of zo. Dat ging dan om afzonderlijke patiënten, nu gaat het om een hele afdeling. Dat maakt indruk. Bovendien is er de druk van buiten omdat familie angstig is.’’

 

Maar het begint te wennen, er begint lijn in te komen en structuur. Het nieuwe is er vanaf. De medewerkers beginnen weer tijd te nemen voor pauze, nemen wat rust. ,,We hebben ook steun aan elkaar, het is een mooi team’’, zegt Van Olst. ,,We voelen dat we dit nog wel een tijdje vol kunnen houden.’’

 

‘’Het is ook dankbaar werk’’, meent Miedema. ‘’Het is ons vak om tijdens moeilijke omstandigheden zorg te bieden. Dat kunnen we nu laten zien.’’ Bleeker vult aan: ‘’We zijn trots op wat we bereikt hebben.’ De patiënten zijn dankbaar en wij zijn zelf dankbaar dat we ons steentje aan deze crisis kunnen bijdragen. Gisteren kregen we een taart van een mevrouw die weg mocht. We hebben taart gehad, bloemen en maaltijden.’’ ,,We moeten straks nog op ons eigen gewicht gaan letten’’, grapt Hendriks.